
Bergen, ik beklom er al meer dan de wereld er rijk is. Mentaal dan wel. Want telkens als me een activiteit te wachten staat waar ik niet bepaald naar uitkijk of beter, waar ik angstig voor ben, staat daar weer die berg.
Misschien is het wel telkens dezelfde, al verschilt die vaak van hoogte. Vroeger, in mijn jonge jaren, prijkte die veel hoger dan nu. Een spreekbeurt op school: een berg die zich weken van tevoren vormde. Een uiteenzetting tijdens een practicum aan de universiteit was haast een onmogelijke opdracht. De helling leek onoverkomelijk, een eenzame en gevaarlijke klim naar een ijl en beklemmend hooggebergte “where no one has gone before”. Op het tijdstip van de waarheid met knikkende knieën en stamelend door het momentum worstelend.
En pas na de storm bereik ik de top en kan ik me weer opgelucht bergafwaarts laten glijden. Uitgeput en vaak ontgoocheld in mijn falen om ‘normaal’ met de situatie om te gaan.
Niet enkel schoolse stressmomenten, maar activiteiten allerhande konden mijn leven herleiden tot een tijdelijke gesel. De eerste vergaderingen die ik moest bijwonen en later de vergaderingen die ik moest leiden. Een opleiding die ik moest geven. Een bezoek aan de dokter of tandarts, een feestje of etentje of andere sociale aangelegenheid, onvoorspelbare afspraken, een lange autorit, …. weken voordien vormde zich telkens opnieuw de berg van paniek. En dito opluchting als het weer voorbij was.
Uiteraard waren de bouwheren van het berglandschap mijn veelheid aan angsten. Zij zorgden voor een stevige, onbreekbare constructie met als enige uitweg de beklimming. Dat had alles met mijn comfortzone te maken. Zette ik er een stap buiten, dan liep ik geheid tegen de berg aan. Wat had ik er vaak mijn buik van vol!
De tand des tijds heeft mijn zone beetje bij beetje verruimd. Hij staat er nog wel, de berg, misschien wel wat vlakker, maar soms nog overweldigend. Als ik een medische test moet ondergaan en mijn ziektefobie weer in volle vorm de kop opsteekt bijvoorbeeld, of als ik naar theater moet en weer eens geen nee durfde te zeggen. De idee van een volle zaal en ikzelf daar ergens middenin, huiveren! Of nog, een verrassingsetentje. Met onvoorspelbaarheden doe je mij echt geen plezier!
Wellicht was ik in een vorig leven een vurig bezweerder van de hoogste toppen, of misschien is dat voor een toekomstig bestaan bestemd. Ik zal er alvast heel goed in zijn, de mentale kracht heb ik ongetwijfeld in dit leven opgebouwd. En het ziet ernaar uit dat mijn training nog niet voleindigd is.
Klimmen is gezond? Geef mij toch maar het vlakke land!

Een reactie achterlaten